Haiti leeft verder.
...Twintig dagen na de aardbeving is er een tekort aan zwaar materieel om de mensen uit Haïti te helpen bij het opruimen van het puin. Iedereen leeft onder grote tijdsdruk want de regenperiode komt er aan en iedereen op het eiland weet wat een tropische storm, noodweer en cycloon inhouden.
Er is een enorme hoeveelheid opruimwerk te doen. De vraag is wie de verantwoordelijkheid neemt voor het werk dat gedaan moet worden. Er zijn huizen die min of meer met de grond gelijk zijn gemaakt of waarvan binnenin niets meer overeind staat of huizen die op instorten staan middenin de puinhopen. Wat moet behouden blijven en wat moet worden afgebroken?
Degenen die de ramp hebben overleefd hebben zich al op de puinhopen, gevestigd. Zo kunnen ze hun stukje grond bewaken. Ze weten dat Port au Prince geen kadaster heeft en dat hun laatste beetje bezit het stukje grond is dat bezaaid ligt met brokken beton en dode lichamen. Hoe moet er onderhandeld worden over deze schoonmaak en het neerhalen van de brokstukken? Wie geeft de opdracht om weer opnieuw te bouwen en aan wie? Van veel zaken is niet bekend hoe ze aangepakt moeten worden. Hoe kunnen bepaalde delen van de stad weer worden herbouwd wanneer in bepaalde gebieden alleen nog wat puin is overgebleven van oude sloppenwijken? Wie maakt er voor zulke enorme werkzaamheden een planning?
De inzet van de internationale gemeenschap (Amerika speelt hierin een cruciale rol, naast de taak die de UN hierbij heeft om hulp te coördineren) toont een grote mate van respect voor de soevereiniteit van de bewoners uit Haïti. Met deze inzet moet het ergste in de komende negen maanden worden overbrugd mits de inwoners uit Haïti hun kwade geesten met rust kunnen laten.


